Wat betekent individualisering voor de collectiviteit? Hoe komt dat systeem met persoonlijke pensioenvermogen eruit te zien? Heeft de werkgever dan nog een rol? En hoe zit het met de derde pijler van ons pensioenstelsel?

Geen nieuw systeem zonder verplichtstelling, dat zijn de heren al snel eens: het systeem werkt niet als de gemeenschap opdraait voor mensen die geen pensioen opbouwen. Of ze dat nu doen uit concurrentieoverwegingen, bijvoorbeeld als ze zzp’er zijn, of omdat meer keuzevrijheid voor iedereen de verleiding nu eenmaal groter maakt te weinig te sparen of te verzekeren voor nabestaanden.

Van Mourik: "Inmiddels heb je bijna een opleiding nodig om je eigen pensioen te begrijpen. Dat vind ik een kwalijke zaak."

Individuele benchmark

Ook over de noodzaak tot een individueler insteek voor het pensioenstelsel is weinig onenigheid bij de gesprekspartners. De vraag is echter: hoe? Individualisering gaat bijvoorbeeld onherroepelijk ten koste van collectiviteit, aldus critici. Die collectiviteit is nu via de bedrijfstakpensioenen gebaseerd op groepen mensen met min of meer dezelfde baan. Kan het ook anders?

Hagendoorn: “Keuzevrijheid betekent volgens mij dat je meer groepen van peers krijgt. Ik ben toevallig hockeyer; misschien vind ik het wel een goed idee om via de hockeybond bij een club aan te sluiten die mijn risico gaat afdekken. Met de technologie van nu kun je de pensioenopbouw al heel helder en overzichtelijk maken. Dan kies je als werknemer dus zelf. Verzekeraars en pensioenaanbieders kunnen dan differentiëren in hun aanbod, en ik denk dat dat commercieel heel zinnig is.”

Duran: “Zeker. Maar nadelen heeft het ook. Als een bedrijf nu voor alle werknemers een overlijdensrisico wil afdekken, geldt dat voor iedereen en is dat dus non-select. Een verzekeraar hoeft dan geen rekening te houden met het feit dat iemand die niet zo gezond is, zich sneller aansluit dan iemand die zich heel goed voelt. Het is aantoonbaar dat als je de keuze hebt om een dekking wel of niet te nemen, de schades in zo’n groep die heeft kunnen kiezen, groter zijn. Dat zul je terugzien in de prijs.”

Hagendoorn: “Ja, daarvoor moet zeker nog een oplossing komen.”
Van Mourik: “Maar een groot probleem in de pensioendiscussie is volgens mij ook dat altijd als je met een alternatief komt, je meteen met allerlei nadelen om de oren geslagen wordt. Alsof het huidige stelsel pas vervangen mag worden als er een perfect alternatief is. Dat komt er nooit. Het is nu ook niet perfect; we plakken steeds pleisters op de gebreken. Inmiddels heb je bijna een opleiding nodig om je eigen pensioen te begrijpen. Dat vind ik een kwalijke zaak. En het vaste systeem is niet meer van deze tijd. Een individueel potje past daar beter bij.”

Hagendoorn: “Volgens mij zou je nog veel verder willen gaan en een volledig financieel plaatje willen zien."

Klantgericht

De jeugd heeft de toekomst en daar moet je naar luisteren, vinden Duran en Hagendoorn. Meer keuzevrijheid past daar ook wat hen betreft beter bij. Daarmee verschuift de aandacht naar de consument.

Hagendoorn: “We gaan van een B2C- naar een C2B-markt. Zoals je een autoverzekering kiest met een vergelijkingssite, kies je straks ook een pensioenuitvoerder. Mits dat volledig transparant kan, en in aap-noot-mies-taal.”

Van Mourik: “Mijn droombeeld is dat er straks een redelijk vrije markt is, waarin ik online een uitvoerder aan kan klikken waar ik bij wil sparen voor mijn pensioen. Dat geef ik door aan de administratie van het bedrijf waar ik werk. Vervolgens kan ik online inzien hoeveel premie ik betaal, hoe mijn pensioen zich ontwikkelt en waar ik op kan rekenen als ik zo door blijf gaan.”

Hagendoorn: “Volgens mij zou je nog veel verder willen gaan en een volledig financieel plaatje willen zien. Stel dat je een erfenis hebt. En hoe zit het met de waarde van je huis? Welke keuzes maak je in vergelijking met je peers? Ik weet dat er start-ups zijn die hiermee bezig zijn. Ze zijn nog niet groot, maar wel allemaal gericht op die link met de consument.”

De verschuiving naar het digitale domein zal uitvoerders juist een besparing opleveren.

Basis plus aanvullend

Persoonlijker, meer online: dat klinkt logisch, maar het brengt Hagendoorn wel op een vraag. “Zo’n financiële APK, bijvoorbeeld elke vijf jaar eens kijken hoe je er financieel voorstaat: wie gaat dat betalen? En het koppelen van alle data en systemen: wie pakt die rekening op?”

Dat laatste is volgens Duran echter geen probleem: de verschuiving naar het digitale domein zal uitvoerders juist een besparing opleveren. “Vijf miljoen Nederlanders zitten bijvoorbeeld al op mijnoverheid.nl, een ideaal startpunt. Wij zijn daar onlangs ook bij aangesloten en dat was deels uit kostenoverwegingen.”

“Maar een APK, een breder advies over iemands financiële situatie, is inderdaad iets anders”, erkent Duran. “Dan kijk je ook naar: heb je kinderen, hoe wil je die achterlaten als je niet meer kunt werken of komt te overlijden?” Hij verwacht dat aanbieders de tweede en derde pijler van het pensioenstelsel gaan combineren. “Zoals een zorgverzekeraar: je hebt een basis, plus aanvullende verzekeringen als je dat wenst.”

Hagendoorn: “Dat is het mooiste voorbeeld. Daarin kun je ook de collectiviteit regelen en eventueel korting geven aan bepaalde groepen. Fondsen hebben ook hun rol daarin. Veelzeggend vind ik bijvoorbeeld wat PGGM doet. Die zijn met hun ledenvereniging al bezig om een nieuw platform op te bouwen, om contact te leggen met de eindklant. In feite slaan ze de werkgever over. Ik denk dat je dat meer gaat zien.”

Van Mourik: “Dat zien wij ook als de toekomst. Wat ons betreft moeten aanbieders dan ook makkelijker de markt kunnen betreden. De consument kan kiezen en moet mee kunnen praten.”

Je spreekt af wat je krijgt, en meer is het ook niet – maar het is beter dan niets. Ik denk dat we dit meer gaan zien.

Ingewikkelde discussie

Duran: “Andere voorbeelden zijn initiatieven waarbij je spaart voor een vooraf afgesproken bedrag. Dat krijg je dan uitgekeerd wanneer je volledig arbeidsongeschikt raakt, dat voor je nabestaanden is als je overlijdt, of dat anders wordt overgemaakt op de pensioendatum. Denk aan zzp’ers, die de traditionele regelingen vaak te duur vinden, of ingewikkeld, en eigenlijk met een vervelend gevoel rondlopen omdat er niets geregeld is bij overlijden. Als zulke regelingen succesvol blijken voor de zelfstandigen, zijn de werkgevers met minder dan tien man personeel de volgende doelgroep – die zitten ook niet te wachten op een ingewikkelde discussie.

Je spreekt af wat je krijgt, en meer is het ook niet – maar het is beter dan niets. Ik denk dat we dit meer gaan zien. En als dit soort dingen schaal krijgen, en dat gaat een keer gebeuren, zal het de discussie over individualisering ook beïnvloeden.”  

 

Panel
Stefan Duran is Branch Head Benelux bij elipsLife.

Rutger Hagendoorn is Manager Director Insurance Industry bij Accenture.

Jim van Mourik is vice-voorzitter van de landelijke JOVD.